Een traumatisch NAH en het verwachtingseffect

Een traumatisch NAH en het verwachtingseffect

Wetenschappelijk onderbouwde expertises met adviezen Activerende begeleidingen naar werkhervatting Cursussen rondom ziekteverzuim

Een traumatisch NAH en het verwachtingseffect

NAH en het verwachtingseffect

Er zijn positief en negatief werkende verwachtingseffecten. Het positief werkende placebo-effect is een bekend fenomeen. Het vertrouwen dat een behandeling effectief is, zorgt ervoor dat bijvoorbeeld de pijn afneemt. Een placebobehandeling zet meetbare processen in het brein in gang, die de afname van de pijnklachten verklaren. Zichtbare, meetbare en daarmee objectiveerbare processen. Zelfs de kosten van de placebobehandeling spelen mee. Een dure nepbehandeling geeft een beter resultaat dan dezelfde nepbehandeling voor een lagere prijs! Maar hoe zit het met negatief werkende verwachtingseffecten?

Onjuiste veronderstellingen

Tussen de 5 en 10% van de mensen ontwikkelt na een traumatisch Niet Aangeboren Hersenletsel (NAH) chronische klachten. Deze worden meestal geheel toegeschreven aan het trauma. Hoe harder de klap, des te beter zijn de chronische klachten te verklaren. In het verleden kreeg je na een hersenschudding het advies om een week op bed te liggen in een donkere kamer. Deed je dat niet, dan kon je er chronische hoofdpijn aan overhouden. Gebleken is dat dit onjuiste veronderstellingen zijn.

Ziektepercepties

Onderzoek van Whittaker e.a. heeft duidelijk gemaakt dat ‘Illness perception’ het meest bepalend is of een hersenschudding al dan niet zal resulteren in chronische klachten. Ziektepercepties zijn de ideeën en gedachten die een patiënt over zijn ziekte of aandoening heeft. Concreet gaat het daarbij om zaken als: wat is de oorzaak van de klachten, hoe lang hou je last van de klachten, welke consequenties hebben de klachten en in welke mate kun je invloed uitoefenen op deze klachten.

Angst leidt tot aanhoudende klachten

De studie van Whittaker bij patiënten met een mild traumatisch hersenletsel liet zien dat de klachten in de acute fase wel samenhangen met de ernst van het trauma. Hoe harder de klap, des te meer hoofdpijn, duizeligheid, vermoeidheid en concentratieproblemen. Echter, de ziekteperceptie van de patiënt in de acute fase voorspelde in 80 procent van de gevallen de klachten en beperkingen drie maanden na het trauma. De angst dat het trauma aan het hoofd langdurig tot forse klachten en beperkingen zal leiden, bepaalde dat dit drie maanden na het trauma ook zo werd ervaren. De kenmerken van het trauma speelden na drie maanden geen enkele rol meer.

Aanhoudende klachten zijn geen inbeelding

Die bevindingen van Whittaker sluiten aan op andere studies met betrekking tot chronische klachten na een NAH. Het trauma bepaalt bij een mild traumatisch NAH de klachten in de acute fase, maar persoonskenmerken bepalen dat acute klachten resulteren in chronische klachten. Deze resultaten mogen overigens niet tot de conclusie leiden dat deze aanhoudende klachten ingebeeld zijn en dat betrokkene eigenlijk niks voelt.

Conclusie

De slotsom kan zijn dat ziektepercepties een belangrijke rol spelen bij chronische klachten. Wanneer bij Somatisch Onvoldoende verklaarde Lichamelijke Klachten (SOLK) en/of bij Somatisch Onvoldoende verklaarde Cognitieve Klachten (SOCK) herstel uitblijft, zijn er met die kennis aangrijpingspunten voor een gerichte aanpak.

Tips voor uw dagelijkse praktijk

  1. Geruststelling vormt na een hersenschudding een belangrijk therapeuticum.
  2. Neem de patiënt met chronische lichamelijke klachten serieus en doe daarbij onderzoek naar psychische factoren, ondanks mogelijke weerstand van betrokkene.

Auteur: drs. Jan D. Verhoeven

 

Lees ook

Duizeligheid, ga het niet uit de weg!
Aanhoudende klachten na een hersenschudding en geheugenvervalsing
Slechter concentreren geeft meer pijn


Bronnen:
Eippert, F., Bingel, U., Schoell, E. D., Yacubian, J., Klinger, R., Lorenz, J., & Büchel, C. (2009). Activation of the opioidergic descending pain control system underlies placebo analgesia. Neuron, 63, 533-543.

Waber, R. L., Shiv, B., Carmon, Z., & Ariely, D. (2008). Commercial features of placebo and therapeutic efficacy. Journal of the American Medical Association, 299, 1016-1017.

Whittaker, R., Kemp, S., & House, A. (2007). Illness perceptions and outcome in mild head injury: A longitudinal study. Journal of Neurology, Neurosurgery & Psychiatry, 78, 644-646.

Wood, R. L., McCabe, M., & Dawkins, J. (2011). The role of anxiety sensitivity in symptom perception after minor head injury: An exploratory study. Brain Injury, 25, 1296-1299.